
Een filmploeg in het begin van de twintigste eeuw heeft het cabaret 'Le Fol Espoir' omgetoverd tot een amateurfilmstudio. De film vertelt het verhaal van een schip en zijn passagiers – van de beroemde operazanger tot de kleine crimineel. De film is een optimistische politieke fabel, bedoeld om de massa te onderwijzen. Er is volop komedie – slapstick, slagroomtaarten en grappen die doen denken aan Buster Keaton en Fatty Arbuckle; er is avontuur, dramatische momenten vol bravoure en gepassioneerde liefdesverhalen. De opnames beginnen op 28 juni 1914, de dag van de moord op aartshertog Franz Ferdinand in Sarajevo, de dag waarop het buskruit Europa in vuur en vlam zette. De film eindigt met het nieuws van een nieuwe moord – die op Jean Jaurès op 31 juli, gevolgd door de algemene dienstplicht op 1 augustus, aangekondigd door kerkklokken in heel Frankrijk. De allegorie van de schipbreuk wordt in een razend tempo gefilmd gedurende de laatste vijf weken voordat de oorlog uitbreekt.