
Sarah Prentice woont al twee jaar in haar huis. Haar angst om naar buiten te gaan heeft haar vermogen om met de buitenwereld te communiceren ernstig beperkt. Ze worstelt met de alledaagse processen van het leven, omdat ze een oncontroleerbare obsessief-compulsieve stoornis (OCS) heeft. Haar leven draait om het simpele proces van zich klaarmaken voor haar werk. Voor de gemiddelde persoon is het zo eenvoudig als opstaan en zich aankleden, maar voor Sarah is het een emotionele marathon.